Bestuurlijke onkunde

IMGP0279 door Pierre Pieterse – Eerder schreef ik iets over bestuurlijke incest waaronder het Vlissingse MuZEEum nogal leidt, bijna de gehele politieke en bestuurlijke elite ‘doet’ het met het MuZeeum of heeft het ermee gedaan. De afsluiting van wat we maar even de ‘kwestie Cees van der Burght’ noemen, heeft danig geleden onder deze kwalijke vorm van incest, en schreeuwt om een vervolg. Bestuurlijke onkunde dus, oftewelVlissingen maar weer eens op zijn smalst.

Autodidact Cees van der Burght heeft Vlissingen een collectie nagelaten waar menig museum zijn vingers bij zou aflikken. Schilderijen, schetsen, technische tekeningen, sculpturen en maquettes die samen ruwweg de periode 1500-1945 omvatten. Op de website Flessinghe.nl staat een mooi overzicht wat het zijn persoonlijke schetsen betreft: de oorlog die geen einde nam, zijn persoonlijke relaas ondersteund met fraaie schetsen. Het archief heeft de verzameling schetsen en technische tekeningen, het merendeel inmiddels online te bezichtigen. En het MuZeeum ‘bezit’ de schilderijen en maquettes. In bruikleen, en daar knelde het want omdat de gemeente buitengewoon onzorgvuldig met zijn werk is omgegaan de afgelopen twintig jaar, wilde Cees van der Burght die overeenkomst opzeggen. En zijn materiaal in stukjes hakken dan wel aan meer enthousiaste ontvangers schenken (misschien publiceren we nog wel eens de excuusbrieven van toenmalig wethouder Poppe van Looff – ‘alles wat mis is gegaan, is in dit geval misgegaan’-  en vertellen we u waarom voormalig MuZeeum directeur Wilbert Weber zich de haren uit zijn hoofd trok – ‘het geeft natuurlijk geen pas om in bruikleen gegeven maquettes gewoon bij het vuil te zetten, of als dank geschonken schilderijen gewoon terug te geven’).

Doodzonde natuurlijk want zijn maquettes zijn uniek historisch materiaal, en de collectie uit elkaar rukken is dat eveneens, want de collectie hoort niet alleen in Vlissingen maar ook bij elkaar. Ensemble dus: een maquette ondersteund door een situatieschets tezamen met een technische tekening van het object. Na ampel overleg met de wethouder en de stadsarchivaris, en op de achtergrond de MuZEeum directeur, waren alle partijen eruit, en kon een afsprakenlijst worden opgesteld. Op basis van die lijst met als belangrijkste afspraak een grote langlopende overzichtstentoonstelling (van mei tot en met november, met als ‘haakje’ Vlissingen 700) was de tijd rijp voor een nieuwe bruikleenovereenkomst. Die laatste hobbel behelsde enige onderhandeling met drs Annelies Visser, de directeur van het MuZEEum omdat zij namens de gemeente de collectie ging beheren. En dus die vereenkomst moest opstellen.

Met een snotterend ´ik ben speciaal voor jullie naar kantoor gekomen, laten we snel van start gaan, ik heb zo een andere afspraak´ bleek de toon gezet. Kleuters waren we! Dus net niet gehaaid genoeg. Het kan natuurlijk ook zijn dat als gevolg van haar verkoudheid haar oren potdicht zaten. Maar hoe het ook zij, de inkt op de nieuwe overeenkomst was nog niet droog of zij kon zich niets van afspraken herinneren. Dit noopte mij tot het schrijven van onderstaande brief die ik maar even integraal overneem.

Geachte mevrouw Visser

Ik neem aan dat u niet verbaasd zult zijn dat wij ernstig verbaasd zijn over uw handelwijze aangaande Cees van der Burght.

Dat u het gesprek met ons onvoorbereid inging, zullen we maar beschouwen als onervarenheid; dat u mij tijdens gesprek niet aankeek, zal ook wel een doel gediend hebben; dat u plots uit uw rol schoot toen het gesprek een voor u onwenselijke kant opschoot, zien we maar als onhandig onderhandelen; dat u de administratie niet op orde had, wijt u aan uw voorganger Wilbert Weber; dat u het verschil niet wist tussen en tentoonstellingsovereenkomst en een bruikleenovereenkomst, wuiven we maar weg als onkunde; maar dat u harde afspraken tussen stadsarchivaris Ad Tramper en wethouder Albert Vader en ons als zaakgelastigden van Cees van der Burght botweg negeert, kunnen we eigenlijk nergens aan wijten.

Kunt u ons daarom vertellen met welk mandaat u de gemaakte afspraken zo terzijde te schuift?

Hoogachtend,

drs JPNM Pieterse

PS deze mail stuur ik cc wethouders Vader en Stroosnijder, stadsarchivaris Tramper en mijn mede-zaakgelastigde

Antwoord kwam er uiteraard niet (pas na een reminder liet ze weten zich niet te herkennen in deze schets), wel raadsvragen. Die opmerkelijk genoeg werden beantwoord zo bleek tijdens de betreffende raadsvergadering door dezelfde mevrouw Visser! Dus degene die nota bene partij is in deze kwestie, mag de raad laten weten dat zij natuurlijk gelijk heeft. En dat deed ze door alleen te verwijzen naar de bruikleenovereenkomst (een tamelijk technisch document) en alle andere afspraken te ontkennen. Halve waarheden opdissen dus en net doen of mondelinge afspraken er niet toe doen (overigens staat de gewraakte afspraak op papier). Dat lijkt niet erg maar als je weet dat voor de raad de antwoorden van het college de feiten zijn, is dit niet minder dan een dolksteek.

De politiek bij monde van de SP die de raadsvragen had ingediend, pakte helaas niet door, sterker: wist niet hoe snel zij de keutel moest intrekken! Opeens was er sprake van twee overeenkomsten die kennelijk ook nog alleen vanuit ‘de trommel’ (onder geheimhouding) konden worden ingezien. Dat was natuurlijk al lang bekend, een overeenkomst en een aparte set aan afspraken, maar in de raadszaal ziet dat er natuurlijk heel anders uit. En om de situatie helemaal van een forse dosis Kafka te voorzien, werd mij toegebeten dat het aan mij lag. ‘Iemand met uw intelligentie en kennis had het misschien toch van begin af aan anders moeten aanpakken.’ Let wel: woorden van hetzelfde raadslid dat samen met Cees van der Burght had gehuild omdat het zo erg was wat hem was aangedaan, hetzelfde raadslid dat de wethouders vader en Stroosnijder had toegebeten dat ‘afspraak afspraak is’, en dat het zo niet langer kon. dat raadslid dus!

Om gek van te worden, maar minimaal mistroostig. In elk geval een dead end. Enige houvast nu is dat ons meerder malen verzekerd is dat er sowieso in het najaar een grote overzichtstentoonstelling komt. Wat die toezegging waard is, weten we pas in het najaar, want directeur Visser heeft ons tot tweemaal toe laten weten dat ‘een tentoonstelling van het werk van Cees van der Burght haar erg aanspreekt maar dat er nog niets is ingepland’.

Vlissingen heet een slangenkuil te zijn. Op basis van enige ervaring denk ik dat deze bestempeling nog als een eufemisme opgevat kan worden.

Advertenties

5 reacties

Opgeslagen onder Maatschappij, Politiek, Uitgelucht

5 Reacties op “Bestuurlijke onkunde

  1. Alex

    Hallo Pierre, ik las op twitter dat GroenLinks Vlissingen een bepaald bericht heeft weggedaan op Facebook. Hoe kom je daarbij? Dat bericht is er nog steeds. Op Facebook werkt het anders dan op de email of op twitter. Dus kijk nog eens goed, wil je ….

  2. dag Alex, bleek technische fout in mijn app, maakte reactie van jullie niet zichtbaar, kennelijk, heb tweet inmiddels verwijderd

  3. Pingback: Bestuurlijk mandaat | HollandsGlorie. Over de staat der Nederlanden

  4. Jeanneke

    moet zijn:
    LIJDT

    MET EEN LANGE ij DUS !

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s